Vlier Winterplezier

Vlier

De Vlier is in Nederland overal wel te vinden. Je ziet hem op heel veel plekken staan.
Hij lijkt zo gewoon maar is eigenlijk heel bijzonder. En dat weten de mensen al heel lang…
Al eeuwen lang hebben mensen van de Vlier gebruikt gemaakt, zowel voor voedsel, voor medicijnen, en ook werd het hout van de Vlier gebruikt, bijvoorbeeld om gereedschappen en fluiten van te maken.

Over de Vlier zijn ontzettend veel verhalen, gebruiken, rituelen in omloop. De struik is echt omgeven door folkloristische gebruiken. Vlier werd geassocieerd met dood en wedergeboorte, met goed en kwaad.
Zo plantten mensen vroeger de Vlier in de omgeving van hun woningen omdat ze dachten dat dit goede geesten zou aan trekken en boze geesten zou bezweren.
Men had respect voor de Vlier, zo mocht je niet zomaar een Vlier omhakken, doch je moest altijd eerst je respect betonen. Begin 20ste eeuw werd in sommige gebieden nog gezegd: ‘Voor de vlier moet je je hoed afnemen’.
Een voor de staldeur geplante Vlier beschermde het vee ‘tegen tovenarij’.

Ook zijn er bekende sprookjes waarin de Vlier voorkomt. Vrouw Holle bijvoorbeeld van de gebroeders Grimm, en Het Vliermoedertje van Hans Christian Anderson. Ook onderstaand sprookje is een mooi voorbeeld hiervan.

“Lang geleden was ze in de kersttijd op weg naar de mensen. Ze liep over een met sneeuw bedekte heide en hoorde de dieren slapen en het sap in de planten stromen. Ze voorvoelde het voorjaar. Toen kwam ze een houterige, kale struik tegen: een Vlier. Die klaagde tegen vrouw Holle dat hij zich zo onnuttig voelde. Zelfs als brandhout wilden de mensen hem niet! Vrouw Holle raakte ontroerd door zijn jammerklachten en zei: ‘Van nu af aan ben je mijn struik. Vlier zul je heten en de mensen zullen mij kennen als Vliermoedertje.’ Vervolgens gaf ze de struik een genezende bast, sneeuwwitte bloesem en bloedrood vruchtensap. De mensen ontdekten al deze eigenschappen en plantten de Vlier, die ze vroeger zo hadden versmaad, in hun tuinen en op hun erven. In elk dorp groeide er een bij de bakoven. De zieken dronken het sap, de kinderen speelden in zijn schaduw en de bloesem geurde zoet…” (Bron: Weleda, Flora’s kus)

Tegenwoordig wordt Vlier nog steeds gezien als een waardevol kruid, vooral bij griep en verkoudheid. Vlier werkt preventief bij een luchtweginfectie en kan de tijdsduur van een kou of griep verkorten. Ook bevordert het het zweten na b.v. kouvatten.
Zowel de rijpe bessen als de bloesem kun je gebruiken. Je kunt de bloesem en bessen direct gebruiken of drogen voor later gebruik.

Er zijn heel veel recepten te vinden met allerlei lekkere dingen die je met de bessen of bloesem kunt maken. Van thee, jam, siroop, gelei, wijn, chutney tot zelfs vlierbloesem-champagne aan toe.

Onderstaand heb ik een recept voor een basis- vliersiroop. Zeer geschikt voor de koude wintermaanden.

Vliersiroop

2 kopjes vlierbessen (vers of gedroogd)

1-2 kopje water

Honing

Doe de bessen en water in een pannetje (bij gebruik verse bessen even met vork fijnstampen), en verhit zachtjes. Laat ongeveer 20 min. zachtjes pruttelen.
Giet af door een vergiet. Weeg de hoeveelheid vocht. Voeg een zelfde hoeveelheid honing toe. Je kunt dit een paar weken in de koelkast bewaren.

Het handigst is het om telkens kleine hoeveelheden te maken.

Je kunt het ook invriezen.

Ook lekker is het om een beetje gehakte gember, of een kaneelstokje en kruidnagel toe te voegen. Of nog andere kruiden of specerijen.

Hoe gebruik je de siroop: 1-3 theelepels per dag voor preventie van griep en verkoudheid, kinderen 1-2 theelepels. Of je gebruikt het bij de eerste griepverschijnselen.